Waar Kempen en Hageland elkaar ontmoeten
De abdij van Averbode. Al draait de poort niet over drie provincies, zoals vroeger beweerd werd, toch blijft het de moeite er eens langs te lopen. Het poortgebouw in donkerbruine ijzerzandsteen, het luxueuze abtskwartier, de barokke abdijkerk en vooral de bijna wereldberoemde ijsjesventers tegenover de ingang: zij lokken heel wat gelovigen. De doorwinterde wandelaar, helaas, bleef tot voor kort wat op zijn honger. De abdij ligt weliswaar volop in het groen, maar dat groen bestaat in hoofdzaak uit doodsaaie dennenbossen. Alhoewel, er is beterschap op komst. In 2004 kocht de staat de Merodebossen, de voormalige jachtterreinen van de prins de Merode. Met Europese steun worden die nu geleidelijk uitgebouwd tot een publiek toegankelijk, 530 ha groot bos- heide- en vengebied in de schaduw van de abdij. Meer info over dit project en enkele voorlopige wandelingen vindt u op www.demerodeonline.be en www.averbodebosenheide.be .
Een ander leuk wandelalternatief in de omgeving van Averbode ontdekte ik deze week. Toen ik een presentatie moest geven in Diest reed ik op weg daarheen door een opvallend mooi stukje bos. Wat googlen bracht aan het licht dat het hier om een uitloper ging van het natuurreservaat Gerhagen in Tessenderlo, een zeer uitgestrekt gebied met afwisselend bossen, weiden en hier en daar een klein plukje heide. Gewapend met een wandelkaart trok ik er heen. Die kaart bleek niet eens nodig. Op de parking in de buurt van het bosmuseum trof ik een bord met daarop verschillende bewegwijzerde wandelingen. Ik koos voor de rode, met 10 km de op een na langste. En ik kreeg er geen spijt van.
Op het eerste zicht oogt het landschap met zijn dennen en zandgronden heel Kempisch. Maar in de holle wegen zie je hier en daar een stuk ijzerzandsteen dagzomen en die hoort dan weer helemaal thuis in het Hageland. Bosbouwers doen er alles aan om de dominantie van naaldbomen (ooit geplant om de Limburgse mijnen van stuthout te voorzien) te doorbreken met eiken en berken. Ogen de bossen niet zo majestueus als de Brabantse beukenwouden, met hun rijke onderbegroeiing hebben ze wel heel wat natuurwaarde. Zo kwam ik oog in oog te staan met een ree. Het beest was achteloos van wat malse blaadjes aan het smullen en ging daar zo in op dat het me pas laat in de gaten kreeg. Verder zag ik nog twee hazen, een koppel reigers en – last but not least – een hagedis. Of dit de roemuchte levendbarende hagedis was, die op de zanderige Kempische gronden gedijt, durf ik hier niet te bevestigen. Daarvoor ken ik te weinig van hagedissen. In ieder geval was ze niet aan het baren of het paren, maar zat ze gewoon te zonnen op een bank, eigenlijk hetzelfde als wat ik dacht te doen. Ik heb er me dan maar naast gezet, zo konden we wat keuvelen over de dingen des levens, het werk, de kinderen, u weet wel…
Landschappelijk het mooist vond ik de vele bosranden. Nu eens ademen ze de rijkdom uit van het gulle landleven, dan weer de melancholie van de arme Kempen. En altijd weer is er de stilte en de spanning tussen het donkere bos en de in licht badende weiden errond. Ik ben gek op bosranden. ik ben een bosrandenmens, een variant van de homo sapiens sapiens, in verdrukking geraakt door de steile achteruitgang van het aantal bosranden. Maar dit terzijde.
Tijd nu voor wat practische info. Ten eerste: hoe kom ik in Gerhagen? Bent u het echte wandeltype, dan kan u er van aan de abdij van Averbode langs rustige landwegen te voet naar toe. Tijdens mijn wandeling kon ik op open plekken hier en daar een glimp opvangen van de abdijtoren. Bent u met de auto, kies dan op de E313 voor afrit 24 en volg richting Diest. Ter hoogte van het gehucht Schoor ga je een bruin pijltje zien met de vermelding “Gerhagen” en even later “Bosmuseum”. Gewoon volgen. Van bij de parking leiden pijltjes naar het museum, waar ook een uitkijktoren staat en kinderen kunnen spelen in een stuk zandgrond met wat speeltuig. In de onmiddelijke omgeving vind je heel wat tavernes en restaurants. De Zandberg (ook met speeltuin) lijkt me een goede keuze als je met kinderen bent. Er vlak tegenover beginnen de wandelingen.
Gerhagen op zich is zeker de moeite voor al wie in een straal van pakweg 50 km woont. Komt u van verder, probeer dan te combineren met een bezoek aan Averbode of Diest. Dit laaste heeft een gezellig marktplein en een prachtig begijnhof. Vlakbij ligt het Provinciaal Domein De Halve Maan. bekend om zijn speeltuin en openluchtzwembad. een goed idee als u met kinderen bent.



Mooi geschreven. Je weet er net dat ietsje meer in te leggen waardoor het geen saai wandelverhaaltje meer is.